skip to Main Content

Stroperij beïnvloedt gedrag achterblijvers

De afgelopen jaren zijn er verschillende onderzoeken gedaan betreffende welzijn, populatie en leefomgeving van de olifant. In vrijwel ieder onderzoek kwam naar voren welk effect stroperij heeft op deze factoren. Vele artikelen en campagnes zijn hier dan ook aan gewijd. Zo werd bekend wat de drijfveer was achter deze daad en wat er gedaan moest worden om het zo min mogelijk interessant te maken om geld binnen te halen. Het besef kwam dat toeristen bewust moesten worden gemaakt van het leed achter de kunstige parafernalia in de winkels. Beleid werd zoveel mogelijk gericht op het terugdringen of liever helemaal stopzetten van stroperij. Wat echter nog niet duidelijk bleek uit eerdere onderzoeksresultaten, is het effect van stroperij op de overgebleven populatie. Althans, behalve de overduidelijke afname door de gevelde dieren zelf. Het is gebleken dat dit misschien nog wel de grootste drijfveer zou moeten zijn in de campagne tegen het stropen.

Populatieafname
Een team van de Universiteit van Colorado heeft zich vooral op reeds voorhanden zijnde gegevens gericht. Daaruit bleek in eerste instantie wat reeds bekend was, namelijk het wegvallen van een groot aantal volwassen dieren. Daar deze dieren verantwoordelijk zijn voor een hoger geboortecijfer dan wel voor het leiden van kuddes, houdt dit kort gezegd in dat door de afname van het aantal volwassen dieren ook het geboortecijfer daalt. Lange tijd werd aangenomen dat dit ook de grootste oorzaak was van de populatieafname en het moeizame herstel hiervan. Uit dit laatste onderzoek blijkt echter ook dat jonge dieren een kleinere kans hebben op overleving zonder hun volwassen soortgenoten. En dat juist dit gegeven een groter effect heeft op de populatie-omvang. In feite is dit voor een deel logisch. Als het aantal volwassen dieren afneemt, dan worden jonge dieren automatisch minder goed beschermd. Dit geldt evenwel ook voor de olifanten die net op de leeftijd zijn dat ze wat zelfstandiger gaan functioneren binnen de groep. Daarnaast zijn jongen geen doelwit voor stropers, omdat zij nog geen ivoren slagtanden bezitten, maar hangt hun overleving wel sterk samen met de effecten van stroperij.

Een domino-effect
Weesolifantjes worden namelijk niet vanzelfsprekend opgevangen en grootgebracht door de rest van de kudde. Deze conclusie kan althans worden getrokken als de verzamelde gegevens betreffende de overleving van weesolifantjes wordt vergeleken met hun leeftijdsgenoten die dit lot niet hebben moeten ondergaan, zelfs als zij niet meer afhankelijk waren van moedermelk. Het besef hiervan moet uiteindelijk kunnen leiden tot meer doelgerichte acties om de olifant niet alleen te behouden, maar ook om diens populatie op effectieve wijze te laten toenemen. Dus, daar staat hij dan. De olifant in de kamer, zijnde het causaal verband van stroperij. Zelfs nu deze minder hevig is dan in voorgaande jaren, hebben we nog steeds te maken met een domino-effect. Het verlies van één olifant heeft een neerwaarts effect op de hele populatie. Het is niet slechts een getal. Het zoveelste gegeven in een database. Het treft een hele kudde en daarmee de hele populatie.

Conserveringsbeleid
Maar wat betekent dit nu concreet? Enerzijds verwekken volwassen bullen doorgaans meer nazaten dan hun jongere soortgenoten. Als een van deze oudere dieren wegvalt, valt ook een groot deel van de toekomstige populatie weg. Bovendien hebben de reeds levende, jongere dieren een minder grote kans op overleving. Voor vrouwtjes geldt dat hun baby’s direct bloot worden gesteld aan een groter risico. Wat dus wil zeggen dat als al deze zaken worden gecombineerd, de tijd die nodig is om de populatie in aantal te herstellen vele malen groter is dan werd gedacht. Ook wil dit zeggen dat de overleving van jonge dieren crucialer wordt naarmate er meer stroperij plaatsvindt. Een schokkende ontdekking. Te meer omdat deze wordt bevestigd door een tweede onderzoek uitgevoerd door de stichting Save The Elephants. Dankzij de resultaten van dit onderzoek weten we nu dat juist de jongere dieren cruciaal zijn in het conserveringsbeleid. Ook kunnen er betere handvatten gehaald worden uit deze resultaten waarmee beleidsplannen omtrent de olifantenpopulatie verbeterd kunnen worden. Als dit effect direct meetbaar zou zijn geweest, dan waren er hoogstwaarschijnlijk eerder meer passende maatregelen genomen.

Verder onderzoek
Hoe dan ook is het belang van het terugdringen van stroperij verder onderstreept. Daarnaast kan wellicht gekeken worden naar al dan niet tijdelijke mogelijkheden om de jongere, ouderloze dieren te ondersteunen door deze bijvoorbeeld onder te brengen in olifantenweeshuizen. Bovendien is kunstmatige inseminatie wellicht een optie, om zodoende de afwezigheid van oudere bullen te compenseren. Het zijn maar een paar suggesties. Wat haalbaar is, zal in de toekomst moeten blijken. Maar als kennis macht is, dan zal verder onderzoek en beleidsvoering ongetwijfeld op korte termijn niet alleen effectiever, maar ook efficiënter zijn.

Back To Top